|
|
|
|
|
|
|
|
| Naam: | J. Schinkelshoek |
|
| Functie: | Lid Tweede Kamer (CDA) |
|
| Omschrijving: |
Na zijn baan als parlementair verslaggever bij het Reformatorisch Dagblad was Schinkelshoek werkzaam als politiek adviseur en poltitiek commentator. Hij was zeven jaar hoofdredacteur van de Haagsche Courant, om daarna directeur communicatie van de Rabobank Groep te worden. Vanaf 2006 zit Schinkelshoek voor het CDA in de Tweede Kamer. |
|
|
|
Ivoordraaien op de Antillen |
|
| 10-01-2008
| door : J. Schinkelshoek
| Categorie: Politiek
|
|
0 |
|
|
Hoe demonteer je een land? Hoe ontmantel je een regering? En hoe zet je vervolgens het losgeschroefde mechaniek weer zo in elkaar dat je na afloop niet een paar moertjes, veren of andere losse onderdelen overhoudt?
In het overzeese deel van het Koninkrijk der Nederlanden -dat wat nu nog de Nederlandse Antillen zijn- staan vijf kleine eilanden voor een bijzondere operatie: de opheffing van het Antilliaanse staatsverband, om uit de restanten drie uiteenlopende min of meer zelfstandige onderdelen te maken: Curaçao, Sint-Maarten en de kleinere eilanden Bonaire, Saba en Sint-Eustatius.
Als parlementaire delegatie uit Nederland wordt het ons -rondgaande op Curaçao, pratend met ministers, autoriteiten en organisaties uit allerlei hoeken en gaten- steeds duidelijker hoe moeilijk, ingewikkeld de ‘staatkundige vernieuwing’ die de Antillen voor de boeg hebben.
Het is precisiewerk, vergelijkbaar met wat horlogemakers doen. Of, zoals iemand gisteren op Curaçao tegen me zei: ‘Het is net zoiets als kunst van het ivoordraaien, het moeilijkste ambacht van Afrika. Je hebt er heel fijne, vooral fijngevoelige vingers voor nodig.’ Hij keek er veelbetekenend bij…
Eind 2006 hebben ‘Den Haag’ en ‘Willemstad’ afgesproken om het Antillen-van-de-vijf -zeg: de centrale Antilliaanse regering- op te knippen in drie delen. Volgens dat Slotakkoord wordt Curaçao, net als eerder Aruba, een zelfstandig ‘land’ binnen het Koninkrijk. Sint-Maarten, het grootste bovenwindse eiland, krijgt eenzelfde positie. De drie kleinere eilanden -Bonaire, Sint-Eustatius en Saba, in de wandeling BES-eilanden genoemd- wordt onderdeel van Nederland. En of die ‘herstructurering’ op 15 december van dit jaar klaar kan zijn?
Dat is gemakkelijker gezegd dan gedaan, zo wordt ons gaandeweg steeds duidelijker. Op papier is het simpel, maar de praktijk is iets weerbarstiger. Hoe zal, om een ogenschijnlijk eenvoudig voorbeeld te noemen, de post straks georganiseerd zijn? Houdt ook de Antilliaanse Post op te bestaan? Krijgen Curaçao en Sint-Maarten elk een eigen postbedrijf? En gaat de KPN brieven op de kleine eilanden bezorgen?
Zo zijn er tientallen praktische vragen. Vaak heel belangrijk: hoe gaat het met de Antilliaanse gulden, hoe zal de criminaliteitsbestrijding worden georganiseerd, hoe worden de eigendommen en, niet te vergeten, schulden van de centrale regering verdeeld?
Gesprekken van onze delegatie met de top van het openbaar ministerie, gisteren op Curaçao, maken duidelijk hoe veel nog onhelder is. Wat er nog geregeld moet worden. Welke wetten gaan straks op Saba en Sint-Eustatius gelden? Nederlandse? Moeten officieren van justitie en rechters straks werken met twee uiteenlopende rechtsstelsels? Of blijft er geen gemeenschappelijk Parket van de procureur-generaal over en ook geen Gemeenschappelijk Hof van Justitie?
De officiële instanties doen laconiek. Iemand als minister Duncan wuift alle problemen losjes weg. ‘Waar een wil is, is een weg’, zegt hij schouderophalend. Om er aan toe te voegen dat ’95 procent’ al geregeld is. Boodschap: jullie in Nederland moeten niet zo zeuren. En vooral niet overvragen.
Het gaat politici als hem er in de eerste plaats om dat met name Curaçao en Sint-Maarten zo snel mogelijk krijgen wat beloofd is: grotere zelfstandigheid.
Die drang naar verzelfstandiging is zo groot, zo viel me een paar dagen geleden ook al op Sint-Maarten op, dat het een probleem begint te worden. Iedereen is zo enthousiast aan het demonteren geslagen dat het ten koste gaat van de opbouw, met name van dat wat ook straks gemeenschappelijk gedaan moet worden. Het heeft er soms verdraaid veel van weg alsof de vijf eilanden na 15 december niks meer met elkaar te maken willen hebben.
Is dat al erg genoeg, vooral voor kleine eilanden die onvoldoende schaalgrootte, onvoldoende mensen, onvoldoende middelen en onvoldoende capaciteit hebben om zo’n beetje alles zelf te doen. Nog lastiger is het dat Nederlandse pogingen om nieuwe samenwerkingsverbanden op te zetten al snel worden afgedaan als ‘rekolonisatie’. ‘Zeg, jullie denken toch niet dat we al meteen iets afstaan van onze nog maar nauwelijks verworven autonomie?’
Gezocht voor de Antillen: ervaren horlogemakers. En een paar ivoordraaiers.
Willemstad, 9 januari 2008
Foto 1: Met een busje verplaatst de Nederlandse parlementaire delegatie zich over het eiland: delegatieleider Willibrord van Beek (VVD) stapt in - op weg naar een volgende afspraak. Foto 2: De delegatie staat op de stoep van het kantoor van de Nederlandse vertegenwoordiger op Curaçao, de plek waar veel vergaderd wordt. Foto 3: In vergadering bijeen met de top van het Antilliaanse openbaar ministerie.
|
| Foto(s) bij dit artikel: |



|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|